Enabling change: verandering mogelijk maken | Enabel - Belgian Development Agency

Enabling change: verandering mogelijk maken

Divider text here
2020 was zonder twijfel een heel speciaal jaar. Maar ondanks de moeilijkheden zien we zowel voor onze partners als onszelf verschillende redenen om trots te zijn. Trots op wat we hebben bereikt en om verder te gaan op de ingeslagen weg naar onze doelstellingen op lange termijn.

Jean Van Wetter, Algemeen directeur
Hannelore Beerlandt, Voorzitster van de raad van bestuur

Hoe kijken jullie terug op 2020?

Jean Van Wetter – Natuurlijk kunnen we niet terugblikken op wat er in 2020 is gebeurd zonder de COVID-19-pandemie te vermelden en de impact ervan op onze partners, onze eigen organisatie en onze projecten. Het was een ervaring die ons nederig maakte én een bevestiging dat we de afgelopen jaren de juiste strategie en doelstellingen hebben gekozen.

Hannelore Beerlandt – Ik denk dat een van de belangrijkste lessen van 2020 is dat wat zich in veel partnerlanden afspeelde, heeft bevestigd dat internationale samenwerking echt tweerichtingsverkeer is. Wij kunnen evenveel leren van onze partnerlanden als zij van ons.

U had het over strategie. Hoe kon jullie strategie van invloed zijn op de manier waarop de partnerlanden op de coronacrisis reageerden?

JVW – Enabel werkt al vele jaren aan de versterking van de basisdiensten in onze partnerlanden, met de nadruk op oplossingen die duurzaam zijn. De afgelopen jaren hebben we veel gewerkt aan de versterking van de gezondheidszorg in onze partnerlanden. In Senegal hebben we bijvoorbeeld bijgedragen aan de ontwikkeling van een ziekteverzekeringssysteem dat meer dan 320.000 mensen toegang heeft gegeven tot kwaliteitsvolle gezondheidsdiensten.

De coronacrisis heeft aangetoond dat veerkrachtige gezondheidssystemen essentieel zijn om een pandemie het hoofd te bieden. Sommige Afrikaanse landen waren in staat om maatregelen te nemen die wij in België niet konden nemen, met name op basis van hun eerdere ervaring met epidemieën zoals ebola.

HB – Het is een les in nederigheid. Het is ook een bewijs dat partnerschappen beter werken wanneer alle partners op hetzelfde niveau staan. We kunnen veel leren van de manier waarop onze partners op de crisis hebben gereageerd. Zo hebben de meesten van meet af aan het hoofd koel gehouden en hun behoeften geïdentificeerd. Dus toen wij contact met hen opnamen en vroegen hoe we hen konden steunen, antwoordden zij met zeer specifieke en goed doordachte eisen. Vanuit economisch oogpunt waren er ook zeer indrukwekkende initiatieven. In Marokko bijvoorbeeld, begreep de regering dat het weinig zin had om alleen de formele economie te helpen tijdens lockdowns. Daarom besloot zij een systeem op te zetten om de informele bedrijven te helpen.

Toch is er nog een lange weg te gaan, ook wat betreft de capaciteitsversterking om pandemieën aan te pakken.

JVW – Daarom willen we nogmaals de nadruk leggen op de lange termijn en op systemische verandering. Vanuit een gezondheidsperspectief is Covax – het systeem dat is opgezet om ervoor te zorgen dat elk land zijn deel van de coronavaccins krijgt – natuurlijk welkom. Maar een aanpak op lange termijn betekent dat we eerder moeten nadenken over hoe we in onze partnerlanden faciliteiten voor de vaccinproductie kunnen ontwikkelen. Dat vereist nieuwe soorten grootschalige partnerschappen tussen regeringen, ontwikkelingsagentschappen, onderzoeksinstellingen en de private sector. Daarvoor is ook een mentaliteitswijziging nodig. De overdracht van technologie en de ontwikkeling van plaatselijke knowhow zullen niet onmiddellijk resultaten opleveren, maar zullen wel een blijvend effect hebben en op lange termijn meer mensen bereiken. Een dergelijke verschuiving impliceert dan weer dat de donorgemeenschap betrokken moet blijven na de traditionele projectcyclus die kenmerkend is voor onze huidige manier van werken.

Om nog even terug te komen op de partnerschappen: naast partnerlanden heeft Enabel ook publiek-publieke partnerschappen ontwikkeld. Wat houdt dat in?

JVW – Wij werken samen met de Belgische overheidsdiensten om hun expertise te benutten voor onze programma's in de partnerlanden. In totaal hebben wij nu meer dan zestig partnerschapsovereenkomsten gesloten met overheidsinstellingen: financiën, burgerlijke stand, politie, onderwijs, gezondheidszorg, enz. Daar ben ik heel trots op. Want zo kunnen we niet alleen het beste van de Belgische publieke expertise aanbieden, maar ook duurzame partnerschappen tot stand brengen. Zo kunnen we nog meer vertrouwen tussen België en onze partnerlanden opbouwen. Ambtenaren uit het ene land die in gesprek gaan met ambtenaren uit een ander land is absoluut zinvol. Zij delen een gemeenschappelijk begrip van de openbare dienst en van de uitdagingen waarmee zij worden geconfronteerd.

HB – Benin is ook een perfecte illustratie van hoe partnerschappen met landen in twee richtingen werken. Onze partners uit Benin hebben geholpen om in België een ander partnerschap tot stand te brengen tussen Enabel en de FOD Mobiliteit. Op zijn beurt zal dat van groot nut zijn voor ons gemeenschappelijk project rond het beheer van de haven van Cotonou.

Enabel werkt ook nauwer samen met andere Europese agentschappen.

HB – Samenwerken als een team – wij noemen het Team Europe – maakt ons sterker en efficiënter. Wie zijn wij om als land te zeggen dat we de gang van zaken in onze veertien partnerlanden in Afrika en het Midden-Oosten radicaal kunnen veranderen? Maar wanneer wij samenwerken met andere Europese agentschappen, elk met zijn eigen expertise, leggen wij meer gewicht en waarde in de schaal. Er zit trouwens ook schot in de regionale samenwerking in Afrika. Zo is er ECOWAS voor economische aangelegenheden in Centraal- en West-Afrika. En de Sahellanden coördineren hun acties om de gevolgen van de klimaatverandering tegen te gaan. Ik denk dat deze gebeurtenissen bepaalde tendensen versnellen: de internationale samenwerking heeft het ‘liefdadigheidsmodel’ achter zich gelaten en evolueert snel naar partnerschappen.

JVW – Op Europees vlak werken we niet alleen samen in partnerlanden. De Europese agentschappen hebben ook het Practitioners' Network opgericht. Enabel en het Luxemburgs Ontwikkelingsagentschap LuxDev zij daarvan medevoorzitter van mei 2020 tot mei 2021. België heeft ook het voortouw genomen in de D4D-hub, een gezamenlijk initiatief om ontwikkelingsinitiatieven rond digitale oplossingen op een hoger niveau te tillen. De Europese Commissie, de Afrikaanse Unie en zes Europese ontwikkelingsagentschappen zetten hier hun schouders onder. Het programma van de D4D-hub bouwt deels voort op eerdere initiatieven van Enabel die enorm succesvol zijn geweest. Sommige oplossingen die momenteel in partnerlanden worden uitgerold zijn inderdaad geavanceerder dan wat we momenteel in Europa hebben. In Benin bijvoorbeeld maakt het landbouwministerie nu gebruik van drones om boeren te helpen bij het toezicht op de groei van ananas. Zo kunnen ze een betere kwaliteit en standaardisering van de grootte bereiken en toegang tot nieuwe exportmarkten ontsluiten. En in Burundi heeft een informatiesysteem het mogelijk gemaakt een vroegtijdig waarschuwingssysteem voor pandemieën op te zetten. Dat systeem is gebaseerd op het gebruik van tablets in geavanceerde medische buitenposten en heeft slechts enkele uren nodig om mogelijke uitbraken te identificeren.

We kunnen moeilijk over partnerschappen praten zonder de relatie tussen Enabel en de Belgische regering te vermelden. Enabel heeft een strategie voor tien jaar. Hoe verhoudt zich dat tot de prioriteiten van de ministers van Ontwikkelingssamenwerking, die wellicht hun eigen prioriteiten hebben?

JVW – Zowel de vorige als de huidige minister begrijpen het belang van een aanpak op lange termijn. Maar een tienjarenstrategie betekent niet dat we star zijn in wat we doen. We hebben een paar mondiale uitdagingen gekozen die deel uitmaken van de Duurzame Ontwikkelingsdoelstellingen van de VN. We werken dan rond deze thema’s. Dat is perfect verenigbaar met het feit dat de minister eigen prioriteiten binnen dat kader naar voren brengt. Minister Kitir is bijvoorbeeld sterk gericht op de bestrijding van ongelijkheid en klimaatverandering. Dat zal zijn weerslag hebben op de manier waarop wij in de partnerlanden te werk gaan. Maar het is belangrijk dat er een stevig kader onder ligt, want dat ondersteunt ook onze acties in onze partnerlanden.

HB – Het belangrijkste onderdeel van onze strategie in de toekomst is echt het bevorderen van samenwerking en partnerschappen. Door onze acties samen uit te voeren kunnen we meer impact hebben, nu en op de langere termijn. De kracht van Enabel en de toegevoegde waarde die we onze partnerlanden aanreiken is onze capaciteit om de expertise van verschillende partners bijeen te brengen en er een coherent geheel van te maken. In dat verband is onze samenwerking met de Belgische defensie en diplomatie in de Sahel zeer veelbelovend.

BLIJF OP DE HOOGTE

Divider text here
Volg onze acties en de laatste trends in internationale samenwerking.