Data verzamelen met digitale instrumenten | Enabel - Belgisch Ontwikkelingsagentschap

Data verzamelen met digitale instrumenten

Ontwikkeling gaat digitaal om voedselzekerheid in Tanzania te verbeteren
De Masai-herders van Noord-Tanzania zijn eeuwenoude veehouders met alle kennis van dien. Hun kuddes hebben echter erg te lijden onder regionale droogtes en ziektes. Dat veroorzaakt voedselonzekerheid bij de stammen. Het vijfjarenprogramma Maisha Bora – wat ‘goed leven’ betekent in het Swahili – brengt 15 organisaties samen met expertise in waterwerken, microfinanciering, dierengezondheid en voeding, met als doel de voedselzekerheid en de inkomsten uit veehouderij van deze Masai-gemeenschappen te verbeteren.

Delen

Verafgelegen gebieden bereiken

Divider text here
In de uitgestrekte vlakten van de Noord-Tanzaniaanse districten Simanjiro en Longido wonen landbouw- en herdersgemeenschappen die voor hun levensonderhoud voornamelijk zijn aangewezen op hun kuddes. Door de druk op het beschikbare land en op de natuurlijke rijkdommen, de klimaatverandering en het gebrek aan alternatieve inkomstenbronnen zijn de voedseltekorten van deze gemeenschappen de laatste decennia aanzienlijk toegenomen. 

Het Maisha Bora-programma heeft als doel de voedselzekerheid van deze (semi)pastorale gemeenschappen in vijftien dorpen te verbeteren. Maisha Bora werd opgestart in 2015 en de enquête die de baseline – en bijgevolg ook de doelstellingen van het programma – bepaalde, werd uitgevoerd met digitale instrumenten. Onder begeleiding van gegevensexperts en uitgerust met tablets en gps-toestellen, trokken de lokale tellers eropuit om gegevens te verzamelen. Dat was een nieuwe ervaring voor hen.  
De hooglanden in het noorden van Tanzania met op de achtergrond een typische Masai-nederzetting (plaatselijk 'boma' genoemd) 

Talrijke partners, één gemeenschappelijke enquête bij de huishoudens

Divider text here
Het Maisha Bora-programma telt maar liefst vijf internationale partners die stuk voor stuk samen met hun lokale partners verantwoordelijk zijn voor de uitvoering van een specifiek onderdeel. Binnen deze unieke aanpak zullen verschillende organisaties samenwerken rond één gemeenschappelijk doel, namelijk de voedselzekerheid van de huishoudens verbeteren in de vijftien begunstigde dorpen. Maar wie verschillende organisaties zegt, zegt ook verschillende benaderingen, rapporteringsformaten, monitoring- en evaluatiesystemen, indicatoren, enz. Daarom zorgt Enabel ervoor dat alle neuzen in dezelfde richting wijzen, meer bepaald naar het gemeenschappelijke programmadoel. 

Dat geldt ook voor de baselinestudie die het programma uitvoerde. Enabel sloot een overeenkomst met een dienstverlener – Savannas Forever Tanzania (SFTZ) – om een enquête voor huishoudens te ontwerpen waarin alle impactindicatoren voor alle verschillende onderdelen zijn opgenomen. De enquête bestond uit een vragenlijst en antropometrische gegevens (het meten van mensen) om zowel kwantitatieve als kwalitatieve informatie te verkrijgen over voedselzekerheid en de voedingssituatie van de begunstigden maar ook over sociaaleconomische gegevens rond hun inkomsten, veebezit en toegang tot water. 

Mathias Lardinois, programmacoördinator van Maisha Bora, geeft tekst en uitleg: "Voor de baseline van ons programma moesten we een gemeenschappelijke enquête bij de huishoudens uitvoeren. Alle partners werkten samen om al hun indicatoren op te nemen en overlappingen te vermijden. Dankzij deze inspanningen verliep de gegevensinzameling een stuk efficiënter, zodat onze begunstigden zich niet door vijf afzonderlijke enquêtes hoefden te worstelen." 

Susan James, Executive Director van Savannas Forever Tanzania, voegt daaraan toe: “Het was een heuse uitdaging om de huishoudensenquête op te stellen. We werkten nauw samen met Enabel en de uitvoeringspartners om de verschillende M&E-systemen op één lijn te krijgen en om alle indicatoren samen te brengen. Het was onze taak om er een wetenschappelijk onderbouwde en toch behapbare huishoudensenquête van te maken en die in een software te gieten.” 
Kuddes hebben een centrale rol in de traditionele levenstijl van de Masai.

Logistiek staat centraal

Divider text here
De vijftien dorpen van het Maisha Bora-programma liggen verspreid over een uitgestrekt gebied in de districten Simanjiro en Longido. De Masai-gemeenschappen die in deze dunbevolkte vlakten van Noord-Tanzania wonen, zijn hoofdzakelijk herders die ook wel aan landbouw doen en die, afhankelijk van de seizoenen, rondtrekken op zoek naar groen weiland voor hun kuddes. Ze wonen in nederzettingen – 'boma's' in de plaatselijke taal – die vaak mijlenver van elkaar verwijderd zijn. Door een gemeenschappelijke huishoudensenquête voor het programma uit te voeren, zorgden de Maisha Bora-partners ervoor dat de middelen voor de baselinestudie efficiënt werden ingezet en dat de logistiek zorgvuldig werd georganiseerd. 

Het SFTZ-team (Savannas Forever Tanzania) was er helemaal klaar voor. In drie weken tijd hebben de tellers meer dan 920 huishoudens ondervraagd in de vijftien dorpen. David Mollel, teamleider van Savannas Forever Tanzania, herinnert zich: “Longido en Simanjiro liggen in onherbergzaam gebied. Door de hevige regenval zijn sommige bruggen beschadigd en zijn de wegen letterlijk weggespoeld. Bepaalde dorpen waren onbereikbaar over de weg, dus moesten we ettelijke uren lopen. Bovendien waren de Masai-mannen soms hun vee aan het hoeden buiten het dorp, in de weilanden die tijdens het droge seizoen worden gebruikt. Anderen waren tijdelijk naar de stad getrokken. Weet je, Masai zijn mobiel en wij dus ook. Uiteindelijk hebben we alle boma's bereikt en hebben we meer dan 900 huishoudens ondervraagd.” 
Masai zijn mobiel, maar wij ook
David Mollel - teamleader (SFTZ) Savannas Forever Tanzania 
Een teller toont aan een van de ondervraagden hoe de tablet werkt.

Waarde toevoegen met digitale instrumenten

Divider text here
De vragenlijsten voor de huishoudens uit de baseline werden ingevoerd in een softwareprogramma en de tellers werden eropuit gestuurd met gps-toestellen en voorgeprogrammeerde tablets. 

De softwareontwikkelaars van SFTZ hebben de digitale vragenlijsten op een aantal tablets gedownload. Alle vragen waren onderling dusdanig verbonden dat irrelevante vragen automatisch werden overgeslagen. Na het interview konden de tellers alle ingevulde vragenlijsten meteen opladen op een server, zodat de gegevensexperts van SFTZ de ruwe gegevens meteen konden cleanen en analyses konden doorvoeren. Door de huishoudensenquête te koppelen aan gps-coördinaten werd een gegevenslaag toegevoegd. Op die manier konden geografische verschillen gemakkelijk in kaart worden gebracht. 

Digitale vragenlijsten waren volgens Jovit Felix, softwareontwikkelaar bij SFTZ, een voor de hand liggende keuze: "Papieren vragenlijsten en pennen behoren voor ons al lang tot het verleden. Digitale instrumenten creëren immers toegevoegde waarde. Het inzamelen van gegevens verloopt efficiënter en de tellers kunnen de tijd die ze uittrekken voor elk interview tot een minimum herleiden. We hebben veel meer vat op de kwaliteit van de gegevensinzameling en we voorkomen dat fouten worden ingegeven." 

Kaart van het gebied dat het Maisha Bora-programma bestrijkt. De groene en blauwe stippen geven de plaatsen weer waar de huishoudens tijdens de baselinestudie werden ondervraagd.

Toe-eigening van het programma promoten

Divider text here
Enabel en SFTZ zorgden ervoor dat de lokale programmapartners een belangrijke rol speelden in de baselinestudie zodat ze zich het programma van bij de start zouden toe-eigenen. Na een vierdaagse opleiding over interviewtechnieken, antropometrische meettechnieken en onderzoekssoftware trokken de lokale partners naar de dorpen om data te verzamelen. 

Seneth was een van de tellers die voor het eerst digitale instrumenten gebruikte. Hij vat zijn ervaring als volgt samen: “Ik ben blij dat ik met een tablet heb leren werken. Die tablets maakten het ons een stuk makkelijker. We konden de interviews veel sneller uitvoeren. Sommige gesprekspartners waren verrast toen ze ons tablets zagen gebruiken maar wij namen altijd de tijd om hen op hun gemak te stellen en te tonen hoe ze werken.” 
Ik ben blij dat ik met een tablet heb leren werken. Die tablets maakten het ons een stuk makkelijker. We konden de interviews veel sneller uitvoeren.
Seneth- teller

De gegevens inzetten

Divider text here
De baselinestudie is nog maar de start van de monitoring en evaluatie van het Maisha Bora-programma. Door de gegevens te analyseren en het uitgangspunt van het programma te begrijpen, zullen alle partners in staat zijn om te beoordelen hoe hun activiteiten de komende vijf jaar bijdragen tot het verbeteren van de voedselzekerheid in het gebied dat het programma bestrijkt. Ze zullen de gegevens van de baseline actief gebruiken om te leren, onderbouwde beslissingen te nemen en het programma in de gekozen richting bij te sturen. 

In dit opzicht houden rijke digitale gegevens nog een ander voordeel in voor het programma. Ze laten preciezere analyses op verschillende parameters toe. De programmapartners zullen de gegevens in kaart kunnen brengen, chronologische gegevensreeksen gebruiken (tijdreeksanalyse) en de resultaten gemakkelijk kunnen vergelijken met andere gegevensreeksen. Alles samen moet deze aanpak leiden tot betere beslissingen, betere programma's en betere resultaten.

Om meer te weten te komen over de vooruitgang van het programma en het mobiele monitoringssysteem, lees 'The wows & woes of M&E technology' (in het Engels)

Links boven: Arnold, Livestock officer uit het Simanjiro District interviewt veehouders over waterinfrastructuren. Links beneden: Annascola van het Arusha Regional Commissioners Office monitort een moestuinproject in een school. Rechts: Local government officers oefenen het gebruik van tablets voor het registreren van GPS locaties tijdens één van de workshops in het kantoor in Arusha. 

Het Maisha Bora-programma in een notendop

Divider text here
Het Maisha Bora-programma wordt gefinancierd door het Belgisch Fonds voor Voedselzekerheid (BFVZ). Het brengt vijf internationale en tien lokale ontwikkelingsorganisaties samen rond eenzelfde opdracht: ten eerste, werken aan een hoger en duurzamer inkomen om voedsel te kopen, en ten tweede het voedsel beter beschikbaar maken voor de meest kwetsbare en verpauperde huishoudens in de streek. 

De vijf internationale partners zijn: Enabel, Dierenartsen Zonder Grenzen Belgium, Iles De Paix, TRIAS en het Wereldvoedselprogramma. De tien lokale partners zijn: Heifer, UCRT, OIKOS, LCDO, PWC, MWEDO, MVIWATA-Arusha, TCCIA Arusha, TCCIA Manyara en Childreach Tanzania. Enabel coördineert het programma. Daarbij stimuleert Enabel synergieën en samenwerking tussen de verschillende partners en monitort en evalueert het de impact van het programma. 
Eerste foto van de Masai: © Tim Bruijninckx (DZG-België)
Alle andere foto's: © Enabel/ Toon Driesen 

Delen

Discover more stories

Noodhulp voor vaccinatie is een prioriteit voor de Europese ontwikkelingsagentschappen. Toch wordt er ook al gewerkt aan de toekomstige zelfvoorziening voor vaccins en gezondheid in Afrika. België wil zeker een rol spelen in deze...
Een wereldburger beseft dat haar of zijn acties een effect hebben op de wereld, en zet zich in voor een meer rechtvaardige, solidaire en duurzame mondiale samenleving. Het programma voor...
In Congo hebben veel huishoudens geen toegang tot drinkbaar water, omdat de watervoorziening er niet bestaat. Maar hoe los je dit op wanneer er ook geen elektriciteit voorhanden is? Enabel pakt het probleem samen met lokale partners aan.

BLIJF OP DE HOOGTE

Divider text here
Volg onze acties en de laatste trends in internationale samenwerking.