COVID en vaccinatie in Afrika: van kortetermijnhulp naar steun voor zelfvoorziening | Enabel - Belgisch Ontwikkelingsagentschap

COVID-19 en vaccinatie in Afrika

Van kortetermijnhulp naar steun voor zelfvoorziening


Vincent Tihon, gezondheidsadviseur, en Ludiwien Cooreman, verantwoordelijk voor de strategische partnerschappen
Noodhulp voor vaccinatie is een prioriteit voor de Europese ontwikkelingsagentschappen. Toch wordt er ook al gewerkt aan de toekomstige zelfvoorziening voor vaccins en gezondheid in Afrika. België wil zeker een rol spelen in deze internationale inspanning.

België en de meeste westerse landen hebben vandaag een hoge vaccinatiegraad. In Afrika is gemiddeld amper 4,5 % van de bevolking gevaccineerd. Dat is zorgwekkend, vooral omdat er regelmatig nieuwe, virulentere varianten van het coronavirus opduiken. Dus moeten we Afrika snel de middelen verschaffen om zijn bevolking te vaccineren. Maar we moeten ons ook afvragen: hoe kunnen we Afrika op weg helpen om zelf vaccins te produceren en op het hele continent af te leveren?

Op korte termijn: actie ondernemen

"Wij dragen uiteraard bij tot de collectieve inspanning, maar wij willen ook en vooral inzetten op de lange termijn", zegt Ludiwien Cooreman, die verantwoordelijk is voor de strategische partnerschappen bij Enabel. België heeft toegezegd om 4 miljoen dosissen te verdelen in het kader van Covax. Hierbij wil Enabel natuurlijk de partnerlanden van België steunen. Maar om echt doeltreffend te zijn, moeten we van meet af naar het grotere plaatje kijken. "Neem nu Oeganda," zegt Vincent Tihon, gezondheidsadviseur bij Enabel. "Zij vroegen ons om vaccins om hun leraren te beschermen. Zo kunnen scholen, die al 18 maanden dicht zijn, weer opengaan en kunnen meer dan 18 miljoen jongeren weer naar school. Maar om aan die vraag te voldoen is van bij het begin een grondiger analyse nodig. Hoe zit het met de distributielogistiek? Wat met de lokale vaccinatiecapaciteit? Kan de koudeketen worden gehandhaafd? In Oeganda kun je onmogelijk het vervoer bij een temperatuur van -80° C garanderen. Vaccins van Pfizer zijn dus uitgesloten. Voor het vaccin van Johnson & Johnson zijn gewoon koelkasten nodig. Een ander voordeel is dat het eenmalige dosissen zijn, er is dus geen tweede logistieke inspanning nodig." Achter de problematiek van de beschikbaarheid van vaccins gaat dus een breder logistiek vraagstuk schuil: hoe kunnen we ervoor zorgen dat vaccins en medische voorraden op het juiste moment op de juiste plaats beschikbaar zijn?

Bij de besluitvorming moeten we ook rekening houden met de aanvaarding van het vaccin. In ons voorbeeld: hebben de Oegandese leraren voldoende vertrouwen in het vaccin? Waarover maken ze zich zorgen? Met welke vragen zitten ze? Kunnen wij dat vertrouwen op korte termijn verbeteren of versterken? Zijn er bepaalde merken die beter aanvaard worden dan andere? Dat zijn vragen die zich ook in Europa stelden. Uit ervaring weten wij dat we dit moeten opnemen van bij de prioriteitstelling.
"Bij de Belgische inspanning zijn vele actoren betrokken, zowel publieke als private. Het is onze bedoeling al deze initiatieven te coördineren om een maximale synergie tot stand te brengen en de resultaten van onze inspanningen aanzienlijk te vergroten"
Op lange termijn: ondersteunen

Zo leiden overwegingen op korte termijn vaak naar een aanpak op langere termijn. Hoe kunnen wij ervoor zorgen dat de landen in Afrika over de capaciteit beschikken om kwalitatieve vaccins en geneesmiddelen te produceren, en ook medische apparatuur zoals beademingstoestellen, zuurstof, maskers en handschoenen? Hoe kunnen wij ervoor zorgen dat zij toeleveringsketens opbouwen en versterken om vaccins, geneesmiddelen en apparatuur efficiënt te leveren, en toewerken naar aanvaarding van vaccinatie door het publiek?

"De eerste vraag beantwoorden gaat verder dan ingrediënten samenvoegen die van buitenaf worden aangevoerd. Echte productiecapaciteit creëren betekent immers: kunnen testen, onderzoek en epidemiologische studies uitvoeren en geneesmiddelen en vaccins certificeren, of ze nu ingevoerd of in Afrika zelf geproduceerd worden ..." aldus Ludiwien Cooreman. "Het plaatje wordt snel zeer breed, en vereist coördinatie op alle niveaus om samenhangende actie te ondernemen."

Europese en internationale coördinatie

De doelstellingen op korte termijn zijn dus duidelijk en beperkt, en de acties zijn redelijk eenvoudig te plannen maar voor de lange termijn ligt het veel moeilijker. "Om te beginnen is de actie van België slechts een klein stukje in een zeer complexe puzzel," weet Ludiwien Cooreman. "We moeten afspreken met andere landen om het werk te verdelen, onze deskundigheid te delen en ervoor te zorgen dat we de beschikbare middelen en capaciteiten optimaal inzetten. Op Europees niveau kreeg de coördinatie-inspanning vorm als ‘Team Europe’. Hier worden de middelen van de EU en van de afzonderlijke lidstaten gebundeld om de partnerlanden te steunen. De eerste grote actie van Team Europe was trouwens de strijd tegen het coronavirus. Hier wordt niet gedacht in termen van landen, maar in termen van capaciteiten en deskundigheid. Er wordt een inventaris opgemaakt van wat reeds bestaat, van de competenties en contacten van elk lid. Samen bepalen we hoe we onze inspanningen het best kunnen coördineren en in een globaal kader plaatsen. Hoe meer coördinatie tussen de landen, hoe doeltreffender de gezamenlijke inspanningen zullen zijn.”

Vijf regionale hubs

Ook in Afrika worden de inspanningen internationaal gecoördineerd. Het African Center for Disease Control, het gezondheidscentrum van de Afrikaanse Unie, had het idee om de medische capaciteiten van Afrika rond vijf regionale hubs te ontwikkelen. Zuid-Afrika is een eerste kandidaat. Senegal is ook in de running. Het is zelfs het enige Afrikaanse land dat momenteel een vaccin produceert, tegen gele koorts. Dat vaccin wordt momenteel door UNICEF gekocht voor gebruik op het terrein, wat een gestage stroom van inkomsten verzekert. “Senegal is een van onze partnerlanden in Afrika. Wij hebben daar dus al veel contacten en wij denken dat België hierin een actieve rol kan spelen," klinkt het bij Vincent Tihon.

Rwanda, een ander partnerland van België, wil zich ook opwerpen als een van de vijf hubs. "Rwanda heeft al een agentschap voor geneesmiddelencontrole opgericht. Het staat nog in de kinderschoenen, maar het probeert zich te positioneren om een niveau 3-certificaat van de WHO te verkrijgen. Rwanda tracht zich vandaag dan ook op de kaart te zetten als het centrum bij uitstek voor de oprichting van het Afrikaanse agentschap dat het proces voor geneesmiddelenvalidatie moet coördineren, naar het voorbeeld van het Europees Geneesmiddelenagentschap (EMA) in Europa. De capaciteit ontwikkelen is cruciaal voor het toezicht op de productie van kwaliteitsvolle geneesmiddelen en -vaccins in Afrika. Dit betekent natuurlijk dat laboratoria voor analyse en controle worden opgezet. België kan technische steun verlenen en in partnerschap met de Europese Unie optreden om de deskundigheid van deze laboratoria uit te rusten en te ontwikkelen.”


Rondetafelconferentie in Senegal met als doel een stappenplan op te stellen om de farmaceutische industrie nieuw leven in te blazen

Een stappenplan voor Senegal

Dit najaar neemt Enabel deel aan een rondetafelconferentie in Senegal. Het is de bedoeling een stappenplan op te stellen om de farmaceutische industrie nieuw leven in te blazen en een nationaal geneesmiddelenbureau op te richten dat instaat voor de validering van de import en de lokale productie. Zo’n actie omvat meerdere sectoren en belanghebbenden. Ze vereist wetswijzigingen, institutionele hervormingen, de ontwikkeling van een productie- en transportinfrastructuur, technologie-overdracht, maar ook de versterking van de opleidingscapaciteiten om het land te voorzien van technici en onderzoekers. "België beschikt over capaciteiten voor de productie van geneesmiddelen en vaccins en kan zijn expertise delen", aldus Vincent Tihon. "Deze expertise zit niet bij Enabel zelf, maar bij de verschillende spelers in de sector in België: bedrijven, universiteiten, onderzoekslaboratoria, enz. Enabel faciliteert de kennisoverdracht tussen die Belgische spelers en de betrokken partijen in Senegal. We willen ook experts naar Senegal sturen én de Senegalese teams uitnodigen om opleidingen te volgen in België en uit te wisselen met hun Belgische tegenhangers.”

Team België: een gezamenlijke inspanning

Bij de Belgische inspanning zijn dus vele actoren betrokken, zowel publieke als private. “Het idee is om voort te bouwen op de langetermijnrelaties die we in België en Senegal hebben opgebouwd", zegt Ludiwien Cooreman. "In Senegal bijvoorbeeld hebben wij uitstekende contacten met de regering, alsook met het Bureau Opérationnel de Suivi (operationeel controlebureau). In België proberen we het Federaal Agentschap voor Geneesmiddelen en Gezondheidsproducten, dat geneesmiddelen controleert, en Sciensano, dat vaccins controleert, erbij te betrekken. Maar we willen ook academische instellingen zoals het Instituut voor Tropische Geneeskunde in Antwerpen bij de zaak betrekken. Zij hebben reeds contact met Rwanda voor een opleiding kwaliteitscontrole. En de KU Leuven staat al in contact met het Pasteur Instituut in Dakar. Het is de bedoeling al deze initiatieven te coördineren om een maximale synergie tot stand te brengen en de resultaten van onze inspanningen aanzienlijk te vergroten.” We denken er ook aan om ngo's en bedrijven aan boord te halen, zegt Vincent Tihon. "Wij staan bijvoorbeeld in contact met de ngo Quamed, die gespecialiseerd is in kwaliteitsaudits en institutionele analyses. En in de private sector is er het Luikse bedrijf Univercells, dat over geavanceerde deskundigheid beschikt in de productie van vaccins en een ondersteuningscontract heeft gesloten met het Pasteur Instituut in Dakar. Ik denk ook aan beroepsorganisaties zoals pharma.be.

Wij staan ook in contact met BIO, het Belgisch agentschap dat de financiering van projecten in de private sector in de partnerlanden ondersteunt. Kortom, wij staan aan het begin van een gigantische inspanning, waarvan wij de eerste resultaten in de komende jaren hopen te zien. Met een extra dimensie van duurzaamheid: het idee achter de ontwikkeling van deze sectoren is ook om nieuwe bronnen van groei, en dus van welzijn, in de partnerlanden te creëren en duurzaam te maken."

BLIJF OP DE HOOGTE

Divider text here
Volg onze acties en de laatste trends in internationale samenwerking.